Erling Haaland is een fenomeen. Zijn prestaties zijn bijna onwerkelijk: doelpunten aan een tempo dat zelfs in het absolute topvoetbal uitzonderlijk is. Snelheid, kracht, timing en een instinct dat hem op het juiste moment op de juiste plaats brengt. Hij is een van de meest indrukwekkende spitsen van zijn generatie.
En toch is een van de meest bijzondere beelden van Haaland niet het moment waarop hij scoort. Het is wat hij daarna soms doet.
Na een doelpunt gaat hij zitten. Benen gekruist. Ogen dicht. Stilte.
Het is geen meditatiesessie midden op het voetbalveld. Het is een symbolisch gebaar, een verwijzing naar zijn eigen meditatiepraktijk. Haaland heeft verteld dat hij van meditatie houdt omdat het hem kalmte en rust geeft. Wanneer hij na een doelpunt die houding aanneemt, brengt hij die rust als het ware heel even terug in het midden van de explosie.
En dat beeld is bijzonder.
Een stadion vol lawaai.
Tienduizenden mensen.
Adrenaline.
Een speler die enkele seconden eerder nog op topsnelheid door de verdediging raasde. En dan: ogen dicht.
Voor wie Transcendente Meditatie beoefent, voelt dat contrast vertrouwd.
Diepe rust en intense activiteit hoeven helemaal geen tegenpolen te zijn.
Dat idee kennen we ook van Lotte Vandekerckhove.
Lotte is niet alleen triatlete op hoog niveau. Ze beoefent zelf Transcendente Meditatie en maakt bovendien deel uit van ons communicatieteam. Ze combineerde topsport met studies en momenteel met een job.
Lotte vertelt dat meditatie haar helpt om minder te overdenken en gemakkelijker in een flow te komen.
En dat is interessant, want topsport lijkt op het eerste gezicht vooral een kwestie van méér doen. Meer trainen. Meer kilometers. Meer kracht. Meer discipline.
Tot je beter kijkt.
Op het hoogste niveau gaat het misschien juist ook over wat je kunt weglaten.
De twijfel. Het overdenken. De mentale ruis.
Haaland kan zich op het beslissende moment geen uitgebreid intern overleg veroorloven. Wanneer de bal voor zijn voeten valt, moet hij reageren. Zijn lichaam en jarenlange training nemen het over.
Lotte kent hetzelfde principe, maar dan in een sport waarin zwemmen, fietsen en lopen elkaar opvolgen en het lichaam langdurig wordt uitgedaagd. Wanneer het lichaam moe wordt, kan het hoofd daar eindeloos commentaar op geven. Juist daar kan het vermogen om minder te overdenken belangrijk worden.
Dat is misschien de mooiste overeenkomst tussen Haaland en Lotte.
Niet dat meditatie automatisch van hen betere sporters maakt. Daarvoor is de werkelijkheid iets ingewikkelder.
Wel dat ze allebei iets illustreren wat iedereen die TM beoefent herkent: je kunt diep ontspannen zijn en tegelijk buitengewoon actief.
Haaland doet het op het voetbalveld.
Lotte doet het in het zwembad, op de fiets en tijdens het lopen.
Wij doen het twintig minuten, twee keer per dag.
En misschien is het daarom zo'n mooi beeld dat een van de meest explosieve voetballers ter wereld zijn doelpunten soms viert met een houding die precies het tegenovergestelde uitstraalt van wat eraan voorafging.
Geen gebalde vuisten.
Geen geschreeuw.
Geen extra explosie.
Gewoon even zitten.
Soms begint de grootste kracht met volledige stilte.